Inzage in uw dossier door anderen

Behalve u en uw zorgverlener mag een beperkt aantal anderen soms uw dossier inzien. Denk aan verpleegkundigen die u ook behandelen of aan de specialist waarheen de huisarts u verwijst. Maar hoe zit het met het inzagerecht van ouders? Of van nabestaanden? In dit hoofdstuk leest u wie u dossier mogen inzien en welke regels hiervoor gelden.

Andere zorgverleners

Andere zorgverleners die bij uw behandeling zijn betrokken, zoals verpleegkundigen kunnen uw dossier inzien en gegevens toevoegen. Dit is van belang voor de kwaliteit van zorg. Zo moet een verpleegkundige soms nakijken hoeveel medicatie ze u precies moet geven, of noteren dat u uw medicatie heeft gekregen. Ook stuurt uw zorgverlener soms informatie uit uw dossier door naar een medisch specialist wanneer hij u verwijst (verwijsbrief). Met deze informatie weet de specialist over uw situatie en kan hij u zo goed mogelijk helpen. Wanneer u instemt met de verwijzing, gaat uw zorgverlener er vanuit dat u ook toestemming geeft voor het versturen van deze medische informatie. Dit heet ‘veronderstelde toestemming’. U kunt altijd bezwaar maken tegen het opnemen van bepaalde gegevens in de verwijsbrief.

Met uitdrukkelijke toestemming van de persoon over wie het dossier gegevens bevat

U kunt zelf toestemming geven om bepaalde personen of instanties inzage of een kopie van (een deel van) uw medisch dossier te geven, bijvoorbeeld uw partner of andere familieleden.
Denk voordat u toestemming geeft na of u wilt dat anderen uw gegevens mogen inzien, en welke gegevens dat dan precies zijn. U kunt dit ook met uw familie of naasten bespreken. Leg schriftelijk bij uw zorgverlener vast wie uw gegevens mogen inzien.

Ouders van kinderen onder de twaalf jaar

Voor jonge kinderen onder de twaalf jaar beslissen de ouders over de behandeling. Zij moeten daarvoor ook hun dossier kunnen inzien. Kinderen tot twaalf jaar hebben in de regel geen zelfstandig recht op inzage. De behandelaar mag de ouders inzage weigeren, wanneer hij vindt dat dit in het belang van het kind is.

Voorbeeld


Uw zoontje van acht jaar heeft bij een val zijn pols gebroken. U twijfelt over de manier waarop de pols is gezet. Daarom wilt u in het dossier nakijken of daar iets over een complicatie staat. Als ouders krijgt u inzage.

Ouders met kinderen in de leeftijd vanaf twaalf jaar

Bij kinderen van twaalf tot zestien jaar kunnen zowel het kind als de ouders inzage krijgen in het dossier. Het kind mag dan wel bezwaar maken tegen inzage door zijn ouders. Wanneer de behandelaar denkt dat het kind daarover zelf kan beslissen, zal hij de ouders geen inzage geven. 

In het gezondheidsrecht wordt een kind vanaf zestien jaar als meerderjarig gezien. Dat betekent dat een kind vanaf zestien jaar zonder toestemming van zijn ouders zelf zijn dossier mag inzien. De ouders hebben dan geen recht meer op inzage. 

Curator of mentor

Niet iedere volwassene kan goed voor zichzelf opkomen en weloverwogen beslissingen nemen. Denk bijvoorbeeld aan mensen met een verstandelijke beperking of met dementie. De rechter kan dan een curator of mentor benoemen. De curator of mentor behartigt de belangen van deze persoon. Hij kan ook inzage in (delen van) zijn dossier krijgen als dit nodig is voor het nemen van beslissingen. Zie voor meer informatie de e-brochure ‘Wie beslist?’.

Vertegenwoordiger

U kunt zelf iemand als uw vertegenwoordiger aanwijzen. Dit moet schriftelijk zijn vastgelegd. De vertegenwoordiger neemt besluiten voor u wanneer u dat zelf niet kunt. Hij kan ook inzage krijgen in (een deel van) uw dossier. Het moet voor de behandelaar dan wel duidelijk zijn dat u dat werkelijk zo wilt. Zie voor meer informatie de brochure ‘Wie beslist?’.

Niet-benoemde vertegenwoordiger

Vaak is er geen officiële curator, mentor of vertegenwoordiger benoemd. Dan behartigt vaak een familielid uw belangen, wanneer u dat zelf niet kunt. Hij kan als ‘niet-benoemde vertegenwoordiger’ om inzage in het dossier vragen.
De zorgverlener mag hem inzage geven, wanneer dit familielid handelt in uw belang. Een niet-benoemde vertegenwoordiger kan inzage niet afdwingen. Wanneer de behandelaar inzage weigert, moet hij wel uitleggen waarom hij dat doet. Als uw familielid het hiermee niet eens is, kan hij contact opnemen met Zorgbelang Nederland.

Nabestaanden

Nabestaanden hebben geen recht op inzage in het dossier van een overleden familielid. De privacy van de patiënt wordt ook na zijn overlijden beschermd. Behalve wanneer de zorgverlener aanwijzingen heeft dat de overleden patiënt tijdens zijn leven toestemming voor inzage in het dossier zou hebben gegeven. Bijvoorbeeld bij onduidelijkheden over de behandeling en vermoedens van medische fouten. De zorgverlener weegt zelf af of zijn overleden patiënt bij leven toestemming zou hebben gegeven. Hij kijkt hierbij naar wie het verzoek doet, hoe de relatie was, hoe privacygevoelige de gegevens zijn, en wat het doel van inzage is.
Soms kan de zorgverlener ook inzage geven op basis van zwaarwegende belangen van nabestaanden, zoals onderzoek naar ernstige genetische afwijkingen. Financiële of emotionele belangen van nabestaanden wegen hiervoor over het algemeen niet zwaar genoeg.