Inleiding

Wanneer u ziek bent of gezondheidsklachten heeft, gaat u naar een arts of een andere zorgverlener. Na onderzoek kan hij een behandeling voorstellen. Voor zo’n behandeling moet u altijd eerst uw toestemming geven. U beslist dus zelf of u wordt behandeld. Hiervoor heeft u eerst goede informatie over de behandeling(en) nodig, zodat u weet waarover u beslist. 

Dit staat in de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO). In deze wet is uw recht op informatie en de eis voor toestemming vastgelegd. 
Het is belangrijk dat u voldoende informatie krijgt en dat u de informatie begrijpt. Als een patiënt toestemming geeft op basis van voldoende informatie wordt dat ’informed consent’ genoemd. 

Uw zorgverlener heeft op zijn beurt goede informatie nodig over uw klachten en uw situatie, bijvoorbeeld of u werkt, (jonge) kinderen heeft en wat u graag wilt blijven doen. Ook informatie over uw voorkeuren is van belang. Sommige mensen willen bijvoorbeeld het gebruik van medicijnen of een operatie het liefste zo lang mogelijk uitstellen. Uw zorgverlener moet hiernaar luisteren. Hij bespreekt met u welke invloed dit heeft op de medische mogelijkheden en welke zorg het beste bij u past. Zo wordt voorkomen dat u toestemming geeft voor een behandeling die niet bij u past. Vaak zult u dan ook meer tevreden zijn over de voorgestelde behandeling.

Overal waar hij staat, kan ook zij gelezen worden.